Voor een optimale beleving van deze website, vragen wij u cookies te accepteren. De website zal pas cookies plaatsen wanneer u hiervoor expliciet akkoord heeft gegeven. Lees meer >

 

Actueel

Wijziging regeling VPL-inhaalpensioen

Hebt u een VPL-regeling? Dan is het voor u belangrijk om te weten dat DNB met nieuwe regels komt voor de inkoop van de VPL aanspraken. U mag niet langer de inkooptarieven vaststellen op een gedempte rente en er dient een solvabiliteitsopslag in rekening gebracht te worden. Dat heeft De Nederlandsche Bank (DNB) bekendgemaakt.

Aanleiding is een wijziging van Artikel 4, lid 2 van het “Uitvoeringsbesluit pensioenaspecten Sociaal Akkoord 2004”. Hierin staat dat een pensioenfonds vanaf 29 november 2017 de aanspraken in een VPL-regeling alleen nog mag financieren:

  • uit het vermogen dat wordt aangehouden als dekking van de technische voorziening, of;
  • uit het eigen vermogen als voldaan is aan bepaalde voorwaarden. Deze voorwaarden staan in artikel 129 van de Pensioenwet (Dat is het artikel dat beschrijft onder welke voorwaarden een pensioenfonds premiekorting of terugstorting mag geven).

Informatie van DNB
DNB heeft hierover op zijn website informatie gepubliceerd. Op 3 april verscheen het nieuwsbericht Gevolgen wijziging regelgeving VPL-inhaalpensioen . Hierin staat onder meer dat DNB vindt dat een VPL-toezegging geen pensioentoezegging is. Dat betekent dat het pensioenfonds ervoor moet zorgen dat een VPL-vermogen gescheiden blijft van pensioenvermogen (tot het moment van inkoop). Het fonds moet daarom een actuariële koopsom in rekening (gaan) brengen, inclusief opslagen voor kosten en vereist vermogen.

DNB heeft vanwege de wijziging een aangepaste Q&A over VPL gepubliceerd. In deze Q&A stelt DNB dat de inkoop van VPL-pensioen moet plaatsvinden op basis van inkoopfactoren die vastgesteld zijn op basis van:

  • de actuele rentetermijnstructuur;
  • de verwachte marktontwikkelingen en;
  • voor het fonds prudente verzekeringstechnische grondslagen.

Daarnaast geeft DNB aan dat er een opslag voor het vereist eigen vermogen (VEV) in rekening gebracht moet worden bij de inkoop van VPL-pensioen. Als het eigen vermogen van het pensioenfonds lager is dan het VEV, mag het fonds een ‘dekkingsgraadneutrale’ opslag in rekening brengen. De opslag mag volgens DNB echter niet lager zijn dan het minimaal vereist eigen vermogen (MVEV).


Opvatting AZL
AZL is net als de Pensioenfederatie van mening dat DNB te ver gaat in genoemde Q&A omdat DNB de interpretatie van de uitbreiding van artikel 4 lid 2 van het “Uitvoeringsbesluit pensioenaspecten Sociaal Akkoord 2004” oprekt. Uit de wijziging van het Sociaal Akkoord volgen namelijk geen gewijzigde voorschriften voor de inkoopfactoren.


Heeft uw fonds een VPL-regeling?
Niet alle pensioenfondsen kennen een VPL-regeling. De pensioenfondsen die wél een VPL-regeling hebben, financieren dat op verschillende manieren. Sommige fondsen berekenen de inkoopfactoren op basis van de zuivere rentetermijnstructuur. Andere fondsen hanteren een gedempte rentevoet, vaak in overeenstemming met het reguliere premiebeleid. Daarnaast verschillen ook de opslagen die door de fondsen in rekening gebracht worden.

Enkele fondsen handelen al exact zoals DNB aangeeft. Maar er zijn ook fondsen die aanpassingen zouden moeten doorvoeren om aan de voorwaarden van de Q&A van DNB te voldoen. Afhankelijk van de gebruikte rentevoet en toegepaste opslagen kan het verschil tussen hun huidige financiering en de nieuw voorgeschreven methode oplopen tot tientallen procenten.


AZL kan u adviseren
Bent u klant van AZL, heeft uw fonds een VPL regeling en wilt u weten wat het bovenstaande voor uw fonds betekent? Neemt u dan contact op met uw vaste contactpersoon binnen AZL. Wij adviseren u graag.