Voor een optimale beleving van deze website, vragen wij u cookies te accepteren. De website zal pas cookies plaatsen wanneer u hiervoor expliciet akkoord heeft gegeven. Lees meer >

 

Actueel

Nieuw pensioenstelsel dichtbij: start met voorbereidingen

Met het nieuwe pensioenstelsel kun je vandaag nog aan de slag, dat was de boodschap tijdens de AZL Themasessie Nieuw pensioenstelsel op 19 september. De sociale partners en ‘Den Haag’ moeten nog knopen doorhakken. Toch is het zeker dat pensioenfondsen zich over een aantal onderwerpen een oordeel moeten vormen, zoals het afschaffen van de doorsneesystematiek. AZL verkent samen met pensioenfondsen dit soort transitievraagstukken. Én ondersteunt u als bestuur graag om het gehele transitietraject soepel te laten verlopen.

Samen optrekken
‘Voorbereiding is het halve werk, en een goede voorbereiding maakt je wendbaar’, zegt directievoorzitter Maarten van der Tuin van AZL, terugblikkend op de themasessie. Ruim zestig relaties van AZL kwamen naar de themasessie in het Nationaal Militair Museum in Soest. ‘Meedoen aan de bijeenkomst was eigenlijk het begin van het veranderingsproces. Je merkte wel aan de zaal dat het nieuwe pensioenstelsel als onderwerp enorm leeft. Velen hebben vragen over het waarom en hoe van de stelselwijziging. De hoeveelheid vraagstukken is lastig. Maar fondsen kunnen samen met AZL optrekken in de transitie. Wij hebben hiervoor ook een helder stappenplan klaarliggen.’

Themasessie (LR)-94_Michiel.jpg

Transitie-expertise
Tijdens de themasessie introduceerde AZL het transitietraject aan de hand van 6 stappen. Michiel Thomassen, manager Bestuursadvisering bij AZL, lichtte toe aan de fondsbestuurders in de zaal: ‘Als uitvoerder van vijftig fondsen hebben we bij AZL al heel wat transities uitgevoerd. Of het nu gaat om wettelijke wijzigingen, om wijzigingen in de regeling op verzoek van sociale partners, of om bijvoorbeeld een liquidatietraject. In ieder transitietraject zien we dezelfde fases terugkomen. We hebben voor het transitietraject naar het nieuwe pensioenstelsel onze kennis en ervaring vertaald in passende dienstverlening.’ 

De eerste stap: verkennen
Fondsen kunnen nu al de eerste stap zetten, aldus Thomassen. Wacht je met alle voorbereidingen tot de wetgeving in kannen en kruiken is, dan is er maar heel weinig tijd om zorgvuldig besluiten te nemen en om dit af te stemmen met de stakeholders. Juist daarom is het goed om nu al starten met de voorbereidingen. Verkennen, richting bepalen, eindpunt bepalen en een tijdpad uitstippelen kan al voor er definitieve kaders bekend zijn. ‘Hiervoor hebben we alle kennis en kunde in huis. Ik heb de ambitie om samen met u aan de transitie te beginnen. Mijn team van bestuursadviseurs en mijn collega’s van Actuariaat en Communicatie zijn er ook klaar voor.’

Delen van kennis en ervaring
Thomassen maakte bekend dat AZL uitgebreid informatie deelt over het nieuwe pensioenstelsel op de website. AZL biedt aan alle vragen en suggesties van fondsbestuurders bovendien de ruimte in de besloten ‘Klantengroep Nieuw pensioenstelsel’ op LinkedIn. In deze online groep kunnen bestuurders met elkaar en AZL informatie delen, sparren, vragen stellen en discussiëren. ‘We zullen zelf geregeld een prikkelende stelling inbrengen. En bij elke belangrijke ontwikkeling kunnen we dit platform benutten. Zo kunnen we samen de bewustwording rond de stelselwijziging en ons gezamenlijke kennisniveau vergroten.’

De tweede stap: richting bepalen
Een spade dieper gaan de sessies die AZL organiseert om fondsen echt stappen te laten zetten. Thomassen: ‘Met een workshop strategie kunnen we samen de juiste richting voor een fonds bepalen. We gaan daarin diep in op de grote thema’s die specifiek spelen voor het fonds. Wat is de impact van het nieuwe stelsel op de huidige strategie van het fonds? We beginnen hierbij met de huidige strategie van het fonds. Vervolgens gaan we in de workshop in op de terugkerende thema’s zoals de afschaffing van de doorsneesystematiek, de verschillende contracten, de rol van ZZP-ers en de mogelijkheden van lump sum bij pensionering. Hoe zit het met de risicobereidheid van uw deelnemers, welke soorten pensioencontract passen hierbij? Het uiteindelijke doel is om een gezamenlijk beeld te hebben bij de thema’s, een voorkeursscenario vast te stellen en vast te stellen hoe dit af te stemmen met de stakeholders. Zodra de richting helder is, kunnen we een fondsspecifiek plan maken. AZL ondersteunt met modellen en onderzoek om de impact van mogelijke keuzes inzichtelijk te maken, bijvoorbeeld de gevolgen van de afschaffing van de doorsneepremie. Kortom: al onze kennis en ervaring met alle eerdere transities van alle fondsen kunnen we direct inzetten voor deze transitie. En daarvoor kunnen fondsen meteen bij ons op de trein springen. Kom aan boord!’

Themasessie (LR)-68_Peter.jpg

Peter van der Steur, Programmamanager Nieuw pensioenstelsel bij AZL, gaf de zaal eerder op de middag inzicht in de pensioenontwikkelingen. ‘Er is al een hele reis gemaakt naar het nieuwe pensioenstelsel. We staan aan de vooravond van een definitief SER-advies. Het lijkt allemaal lang te duren, maar er zijn ook heel veel stappen gezet. En er is inmiddels al meer richting gegeven aan de bestemming. Bijvoorbeeld het afschaffen van de doorsneepremie. Dat staat zowel in het regeerakkoord als in de gelekte afspraken van de sociale partners.’ 

De sociale partners zijn voor de invoering van het reële pensioencontract, aldus Van der Steur. ‘Dat is heel wat anders dan de persoonlijke pensioenpotjes die het kabinet had voorgesteld. Het reële contract is een uitbreiding van de bestaande contractvormen in pensioenland. 

Aantrekkelijk blijven voor deelnemers
Partijen zijn het ook eens over de mogelijkheid van het opnemen van een lump sum. ‘Dat betekent meer keuzevrijheid voor de deelnemer. Kort gezegd: als je met pensioen gaat, mag je bijvoorbeeld maximaal tien procent van het pensioenvermogen opnemen voor het aflossen van je huis. Meer keuzevrijheid voor deelnemers betekent dat fondsen ook meer maatwerk aan hun deelnemers moeten kunnen leveren. Hoe ver ga je daar in als fonds en wat ga je doen om aantrekkelijk te blijven voor jouw deelnemers? 

Welke richting gaat het op?
‘Het eerste spoor dat er ligt, leidt naar het afschaffen van de doorsneesystematiek. Daarnaast liggen er sporen naar een stelsel met persoonlijke pensioenvermogens en collectieve risicodeling, en naar een stelsel met een reëel contract. Maar hoe staan straks de wissels? En hoe waarschijnlijk is het dat er combinaties van varianten ontstaan?’

Kijk nu al vooruit
‘Als bestuurder kijk je vooruit. Je houdt rekening met de mogelijkheden. Je wil weten welke veranderingen op je afkomen, welke mogelijke scenario’s er zijn en hoe jouw fonds daar in staat. Als het nieuwe stelsel bekend is, vraag ik me af of u genoeg tijd heeft voor de noodzakelijke aanpassingen. Niet alleen moet ú dan stappen zetten, ook uw stakeholders en deelnemers zult u moeten meenemen.’
Themasessie (LR)-101_Ingrid.jpg

AZL heeft al doorgerekend
Actuarissen van AZL verkenden al in 2016 in de Onderzoeksgroep Financieel van de Pensioenfederatie de opties die Van der Steur schetst. ‘We rekenden in de onderzoeksgroep scenario’s door voor één van de zeven fondsen’, vertelde actuaris Ingrid Smeets. Met dat rekenwerk hebben we onze rekenmodellen ingericht om mogelijke gevolgen van de transitie voor elk fonds inzichtelijk te kunnen maken.’ 

Afschaffen doorsneeystematiek
Smeets nam de toehoorders vervolgens mee in de techniek achter de doorsneesystematiek. ‘Nu betalen jongere deelnemers nog mee aan het pensioen van de ouderen, met de mogelijkheid dat ze er wellicht niet van kunnen profiteren als ze straks zelf de oudere zijn. Omdat het tegenwoordig niet meer vanzelfsprekend is dat een deelnemer zijn hele leven lang pensioen opbouwt binnen dezelfde regeling. Bij afschaffing van de doorsneesystematiek kun je technisch gezien simpelweg de keuze maken om de daadwerkelijke kosten voor de pensioenopbouw in rekening te brengen. Maar dat is ongewenst. De pensioenopbouw is voor jongeren veel goedkoper dan voor ouderen. Dit zou de positie van ouderen benadelen op de arbeidsmarkt. Vandaar dat het de verwachting is dat er een degressieve opbouw komt. Met een gelijke premie voor alle leeftijden. Twintigers en begin-dertigers bouwen dan meer op, oudere deelnemers minder. Het opbouwpercentage in ons rekenvoorbeeld varieert van 1,3 procent voor de alleroudsten, en 2,8 procent voor de jongsten.’

Degressieve opbouw
Als deze degressieve opbouw er in één keer komt, zal een flink deel van de deelnemers gecompenseerd moeten worden. Want zij bouwen vanaf dan minder pensioen op dan de jongeren en hun bereikbaar pensioen wordt daardoor lager. ‘Dat betekent nogal wat voor fondsen. Er zijn veel keuzes en factoren om over na te denken. De kosten voor de opbouw van pensioen zijn afhankelijk van meerdere variabelen zoals het opbouwpercentage, de pensioenrichtleeftijd, kenmerken van het deelnemersbestand zoals de verhouding jonge en oudere deelnemers en de verdeling man-vrouw. Als je een fonds bent met veel verloop, neem je dat wellicht ook mee in de berekeningen. Ook van belang is de rentecurve die gehanteerd wordt voor het berekenen van de premie. En dan zijn er nog tal van actuariële grondslagen van het fonds, zoals levensverwachting, ervaringssterfte, gehuwdheidsfrequentie en kostenopslagen.’ Elk fonds heeft zo zijn eigen specifieke kenmerken die de kosten van de huidige regeling en de opbouw van pensioen bepalen, aldus Smeets. Dus zijn er per fonds andere gevolgen van de afschaffing van de doorsneepremie.

Smeets: ‘Hoe gaan we hier mee om? Krijgen we VPL-achtige constructies? En over wat voor bedragen hebben we het? Uit sommige van onze berekeningen blijkt dat compensaties kunnen oplopen tot vijf keer de jaarpremie. Het is dus goed om een helder beeld van te krijgen van alle fondsspecifieke factoren. Ga daarom snel aan de slag met de voorbereidingen.’