Voor een optimale beleving van deze website, vragen wij u cookies te accepteren. De website zal pas cookies plaatsen wanneer u hiervoor expliciet akkoord heeft gegeven. Lees meer >

 

Opinie: waarom duurt de pensioendiscussie zo lang? Een culturele kijk op de zaak.

Afschaffing dividendbelasting kinderspel vergeleken met afschaffing doorsneesystematiek

De grote afwezige tijdens de troonrede was toch wel het pensioenakkoord. Verwonderlijk is dit niet. Zet 10 kiene mensen in een ruimte en laat ze debatteren over de uitdagingen waar het nieuwe pensioenstelsel voor staat. Al snel kom je tot de conclusie dat de discussie rondom de afschaffing van de dividendbelasting kinderspel is vergeleken met de discussie rondom de afschaffing van de doorsneesystematiek. De vraagstukken waar het nieuwe pensioenstelsel antwoord op moet geven worden telkens met een economische, juridische of fiscale bril bekeken met als doel een generatie evenwichtige oplossing. Lastige sommetjes in een niet zo exact pensioenlandschap. Laten we ons blikveld verruimen en oog hebben voor de culturele aspecten en hun effect op de prestaties van het Nederlands pensioenstelsel.   

Schoonmoeder op bezoek

‘Bah, cultuur…’, denken sommigen van de, naar ik vermoed, veelal kwantitatief ingestelde lezers van dit stuk. Om de honger naar cijfers te stillen, kan gebruik gemaakt worden van het Hofstede model. Dit model verklaart waarom het in de bus in Zweden zo stil is en lijkt alsof iedere passagier zojuist te horen heeft gekregen dat zijn schoonmoeder een weekend komt logeren. In België daarentegen wordt continu geroezemoesd of de bus wel de goede afslag heeft genomen. Dit soort culturele verschillen kunnen aan de hand van het Hofstede Model beantwoord worden. Dit model typeert en kwantificeert een cultuur aan de hand van zes dimensies. De meeste van deze dimensies lijken uitermate geschikt om te helpen bij de discussie over de toekomst van het Nederlands pensioenstelsel. Onderstaand wordt de score voor Nederland getoond.

Tabel.jpg

Van oudsher lijkt het Nederlandse pensioenstelsel met name ingericht rondom de dimensie masculiniteit en machtsafstand. Het sociale zekerheidsstelsel heeft oog voor de medemens en de zwakkeren binnen de maatschappij en typeert daarmee een vrouwelijke cultuur. Het pensioenstelsel is bovendien gebaseerd op gelijke opbouw en gelijke lasten voor de deelnemers. De hoge scores voor de dimensies individualisme en lange termijn oriëntatie geven echter ook aan dat we het belangrijk vinden om onze eigen behoeftes te realiseren en dat we het vermogen hebben om af te stappen van bestaande tradities. Eventuele hervormingen ten opzichte van het traditionele collectieve pensioen worden daarmee geaccepteerd door de Nederlander, temeer omdat veranderende demografische ontwikkelingen en veranderende arbeidsverhoudingen dit noodzaken. De relatief hoge score voor toegeeflijkheid betekent dat we onze doelen proberen te realiseren met plezier. We zijn optimistisch, hechten veel waarde aan vrije tijd en geven het geld uit zoals het ons uitkomt.

Liever naar het casino

Nog zo’n hot item waar de uitkomsten van het Hofstede model houvast kunnen bieden: de mogelijke verplichtstelling voor ZZP’ers en flexwerkers. Als fanatiek tennisser bestaat mijn vriendenkring voor een groot gedeelte uit tennisleraren. Geregeld wordt mij de vraag gesteld waarom überhaupt voor pensioen gespaard moet worden. Het rendementstechnische aspect en het rente op rente-effect gaan er nog wel in, maar als ik vervolgens aangeef dat er ook fiscale voordelen te behalen zijn, wordt het toch ietwat slaapverwekkend voor de meesten. ‘Ik ga vanavond wel naar het casino, hopelijk regel ik daar mijn pensioen’. Nederland telt inmiddels 1 miljoen ZZP’ers. Laten we deze groep links liggen als later blijkt dat het gros van deze groep zijn oudedagsvoorziening niet goed heeft geregeld? Gelet op de lage masculiniteit index niet. Indien deze toekomstige lasten gedragen worden door niet-zzp’ers, leidt dit dan tot fricties binnen de maatschappij? Gegeven de hoge scores voor toegeeflijkheid en met name individualisme zou dat zo maar eens kunnen. 

Pensioenstelsels in het buitenland

Naast ‘bus gedragingen’ kunnen ook prestaties van verschillende pensioenstelsels geanalyseerd worden met behulp van het Hofstede model. Mercer doet elk jaar onderzoek naar het beste pensioenstelsel ter wereld. Eén van de criteria is de houdbaarheid. Onderstaande grafiek toont de vier landen, die meegenomen zijn in het onderzoek van Mercer, met het minst houdbare stelsel en de vier landen met het meest houdbare stelsel. Landen als Italië, Oostenrijk, Brazilië en Frankrijk vermijden graag onzekerheid en wellicht niet geheel verrassend wordt een verhoudingsgewijs groot gedeelte van de oudedagsvoorziening in deze vergrijzende landen uit het BBP gefinancierd. De landen daarentegen die goed presteren, rusten minder enkel op een omslagstelsel uit de eerste pijler en kennen innovatievere pensioenregelingen. Het adaptieve vermogen van een cultuur lijkt daarmee beloond te worden. Althans voor wat betreft de houdbaarheid van een pensioenstelsel. 

Tabel 2.jpg

Het rouletteballetje

De onderzoekers van het Hofstede model geven aan dat de cijfers van de verscheidene dimensies up-to-date zijn. Enerzijds omdat cultuur niet snel verandert en anderzijds omdat de gegevens regelmatig ververst zijn. Het is daarom niet mogelijk om de voorgestelde aanpassingen in het pensioenstelsel, zoals afschaffing doorsneesystematiek, individuele potjes etc., te verklaren aan de hand van gewijzigde scores voor de verschillende culturele dimensies van Nederland. Verder onderzoek op dit gebied blijft desalniettemin interessant. Wat de culturele ontwikkelingen in Nederland ook mogen zijn, ik hoop in ieder geval niet dat het rouletteballetje vanavond verkeerd rolt.

Bart Sonnenschein
Senior specialist risicomanagement bij AZL