1. Home
  2. Kennis
  3. Dossier nieuw pensioenstelsel
  4. Wat houdt het nieuwe stelsel in?
  5. AOW

AOW

De AOW-leeftijd beweegt mee met de stijging van de levensverwachting. Uitgangspunt is dat de duur van de AOW-uitkering ongeveer 20 jaar is. Indien uit prognoses van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) blijkt dat de verwachte levensduur op 65-jarige leeftijd stijgt, schuift de AOW-leeftijd op. Alleen een toename van een kwartaal of hoger wordt in aanmerking genomen. Een verhoging van de AOW-leeftijd moet uiterlijk 5 jaar van tevoren worden aangekondigd. Ook de aanvangsleeftijd die geldt voor de bepaling van de hoogte van de AOW-uitkering schuift dan op. Met dit opschuiven van de AOW-leeftijd worden de nationale sociale lasten beperkt. Dit is in de Algemene Ouderdomswet vastgelegd over de verhoging van de AOW-leeftijd.

Wet temporisering verhoging AOW-leeftijd

In vervolg op het principeakkoord zorgt deze wet ervoor dat de AOW-leeftijd per 1 januari 2020 tot 2022 wordt bevroren op 66 jaar en 4 maanden. In 2022 zal de AOW-leeftijd stijgen naar 66 jaar en 7 maanden, in 2023 naar 66 jaar en 10 maanden en in 2024 naar 67 jaar.

Wet verandering koppeling AOW-leeftijd

Deze wet is van kracht sinds 10 december 2020 en bepaalt dat de AOW-leeftijd in 2025 67 jaar is. Vanaf 2026 zal de AOW-leeftijd met 8 maanden worden verhoogd bij iedere stijging van de levensverwachting na 67 met een jaar.
De fiscale pensioenrichtleeftijd voor aanvullende pensioenen blijft 68 jaar. Bij een toename van de levensverwachting met 1,5 jaar zal de fiscale pensioenrichtleeftijd voor aanvullende pensioenen met een jaar toenemen.