1. Home
  2. Kennis
  3. Dossier nieuw pensioenstelsel
  4. Wat gaat u doen?
  5. Voorbereiding transitie

Voorbereiding transitie

Al jarenlang praten sociale partners, de Sociaal Economische Raad (SER) en politiek Den Haag over de hervorming van het Nederlands pensioenstelsel. Met het principeakkoord van 5 juni 2019 was een eerste stap naar hervorming gezet. Na voltooiing van de gesprekken over de uitwerking van het principe-akkoord op 12 juni 2020 wordt de hervorming nu daadwerkelijk in gang gezet. Met het voorstel voor de ‘wet toekomst pensioen’ wordt de hervorming geconcretiseerd. Dat voorstel is op 16 december 2020 ter consultatie voorgelegd.

De centrale sociale partners moeten een transitieplan opstellen en van pensioenfondsen een implementatieplan waarin zij aangeven wanneer en hoe zij naar het nieuwe stelsel willen overstappen. Dat is voor u als pensioenfondsbestuurder alle reden om te werken aan het vergroten van het verandervermogen van uw fonds en de voorbereidingen voor een transitie naar een nieuw pensioenstelsel.

Transitieplan

Decentrale sociale partners zetten in het transitieplan uiteen op welke wijze zij de uitvoering van de nieuwe pensioenregeling voorbereiden en uitvoeren. Zij gaan hierbij in op de technische uitvoerbaarheid, de kosten en de risico’s in de uitvoering van de regeling en onderbouwen hoe zij deze kunnen uitvoeren met inachtneming van evenwichtige belangenafweging en gelijke behandelingswetgeving, waarbij zij moeten kunnen verwijzen naar de daartoe opgestelde kaders van de wetgever, om aansprakelijkheidsrisico’s zo veel mogelijk uit te sluiten.

Transitiepad (invaren)

De overheid faciliteert zo veel mogelijk het omzetten van bestaande pensioenaanspraken en -uitkeringen naar het nieuwe pensioencontract door collectieve interne waardeoverdracht. Dat gebeurt op verzoek van de werkgever. Voor dit invaren stelt de wetgever een standaard transitiepad op dat werkgever en pensioenfondsen verplicht moeten volgen. Werkgevers die niet om collectieve waardeoverdracht willen verzoeken, moeten dat mededelen en motiveren. Pensioenfondsen die niet aan interne collectieve waardeoverdracht willen meewerken zullen gemotiveerd moeten aangeven waarom ze tot een andere keuze komen.

Implementatieplan

Pensioenfondsen zijn verplicht het transitieplan van decentrale sociale partners om te zetten naar een fondsspecifiek implementatieplan. Pensioenfondsen betrekken hun fondsorganen op de reguliere wijze bij de transitie, bijvoorbeeld bij wijzigingen van de uitvoeringsovereenkomst. De afspraken die tussen een pensioenuitvoerder en decentrale sociale partners/werkgever worden gemaakt over de uitvoering van de pensioenovereenkomst worden neergelegd in de uitvoeringsovereenkomst.

Deelnemerscommunicatie

Pensioenfondsen moeten als onderdeel van het implementatieplan een communicatieplan op stellen met het oog op de informatie aan deelnemers, pensioengerechtigden en gewezen deelnemers over de consequenties van de wijzigingen. Pensioenuitvoerders moeten voor alle belanghebbenden inzichtelijk maken welke gevolgen de transitie heeft voor het te verwachten pensioen. Alle deelnemers krijgen persoonlijk inzicht in de hoogte van hun pensioen dat zij vóór de overstap mochten verwachten en het verwachte pensioen na de overstap. De werkgever en/of decentrale sociale partners laten, in samenwerking met het pensioenfonds, daarbij zien welke maatregelen zij hebben genomen om adequaat te compenseren. En welke mogelijkheden zijn benut om de compensatie te financieren. Deelnemers worden hierover geïnformeerd met behulp van de bestaande navigatiemetafoor. Hiermee wordt aangesloten bij de huidige UPO’s. De AFM houdt toezicht op het communicatieplan.